vrijdag 28/04/2017

Top Header

Talen

Een stemrecht uitoefenen: een teken van verantwoordelijkheid dat waarde creëert?

Responsible Investment Strategist

Na een rijk gevuld seizoen met tal van aandeelhoudersvergaderingen, was het een goed moment om terug te blikken en de balans op te maken: welke toegevoegde waarde gaat er schuil achter de waas die rond het stemgedrag van aandeelhouders hangt? Voor het debat in het financieel centrum van Parijs konden we rekenen op de jarenlange ervaring van Loic Dessaint. Als directeur van Proxinvest beschikt hij over een verregaande expertise in alles wat met corporate governance of deugdelijk bestuur te maken heeft. Proxinvest is een van de vooraanstaande kantoren dat gespecialiseerd is in stemadvies. Het bedrijf adviseert heel wat Franse en Europese institutionele beleggers over hoe ze tijdens algemene vergaderingen het best hun stem uitbrengen.

De democratische houding van de aandeelhouders zegeviert. Ook Degroof Petercam Asset Management (DPAM) heeft haar aantal deelnames aan aandeelhoudersvergaderingen gevoelig opgedreven.

Evolutie van de democratische houding van de aandeelhouders
Aandeelhouders altijd maar waakzamer en kritischer

Bron: Verslag van Proxinvest over de algemene vergaderingen van Franse beursgenoteerde ondernemingen.

Maar welke democratische houding gaat er werkelijk schuil achter almaar toenemende deelnamecijfers? Stemmen we met onze voeten? Onze doelstelling is wel degelijk dat we echt stemmen, en best practices aanmoedigen bij het management. Het aantal keren dat de bedrijfsleiding door de aandeelhouders teruggefloten wordt, stijgt trouwens.

DPAM aarzelt ook niet om zich kritisch uit te laten over de aanbevelingen van de bestuurscomités en de advieskantoren waar het mee samenwerkt. Zo werd een engagementsprocedure uitgewerkt om best practices te promoten, en om een zekere mate van flexibiliteit en aanpassing mogelijk te maken voor de waarin we stemrechten hebben. De aanbevelingen kunnen verschillen naargelang het gaat om een multinational of een familiebedrijf, of het bedrijf juridisch gezien een naamloze vennootschap is dan wel een samenwerkende vennootschap. Hoewel de advieskantoren uiteraard een onderscheid maken naargelang die verschillen, kunnen aanbevelingen over best practices, zoals voorgesteld door organisaties zoals het ICGN of de OESO, onjuist zijn voor multinationals die juridisch gezien een naamloze vennootschap zijn.

Transparantie en onafhankelijkheid

Het is onze plicht, als beheerder van activa, om verantwoord te beleggen. Dat houdt in dat we als aandeelhouder onze stem moeten aanwenden om het bedrijf een bepaalde boodschap te geven. We stemmen niet blind, alert als we zijn voor de aanbevelingen die aan de basis liggen van steminstructies. Ongeacht of die afkomstig zijn van de bedrijfsleiding of van het advieskantoor voor het stembeleid. En we betwisten heel wat beslissingen. Het aantal betwistingen blijft echter stabiel aangezien we liever de weg van de dialoog bewandelen met het management dan een negatieve stem uit te brengen die onherroepelijk is. Zo geven wij de voorkeur aan het principe van de transparantie en de informatie en zijn we voorstander van onafhankelijke raden van bestuur.

Bepaalde gevallen daarentegen, zoals "poison pills", of een gebrek aan scheiding tussen de bevoegdheden van de voorzitter van de raad van bestuur en de CEO van het bedrijf, verwerpen we direct zonder voorafgaande verwittiging. Dat doen we overigens ook als het principe "een aandeel, een dividend, een stem" met de voeten wordt getreden. Die geëngageerde dialoog is de basis van ons stembeleid. En het is meteen ook de reden waarom deelnames aan aandeelhoudersvergaderingen voor toegevoegde waarde zorgen.

Altijd en overal in dialoog treden

Met de teams die voor het beheer instaan, voeren we gesprekken over best practices. Daardoor zijn ze gevoeliger voor het belang daarvan, zowel voor het bedrijf zelf als voor de bescherming van de aandeelhouders. Terwijl we met de bedrijfsleiding best practices bespreken en op middellange en lange termijn de bedrijfsvoering proberen te verbeteren. Het is ook de gelegenheid om met de bedrijfsleiding te praten over andere uitdagingen dan de typische agendapunten zoals de benoeming van de raad van bestuur of een kapitaalverhoging. Het kan immers een goede gelegenheid zijn om te informeren naar het beleid ten aanzien van de klimaatverandering. Een dergelijk onderwerp staat er zelden op de agenda. Dat in die trend verandering komt, is uiteindelijk het resultaat van resoluties ingediend door de aandeelhouders.  Een kanttekening hierbij is dat het moeilijk is voor aandeelhouders om een resolutie in te dienen aangezien de regelgeving verschilt van land tot land.

Zijn stem uitbrengen en een engagement verkrijgen op het vlak van governance, moet bijdragen tot een mentaliteitswijziging. Het engagement van de aandeelhouders beschouwen veel bedrijfsleiders nog altijd als agressief activisme. En dat is onterecht. Want de uitwisseling van ervaringen en best practices zal leiden tot een situatie die op langere termijn voordelig is voor iedereen.

Deelnemen aan aandeelhoudersvergaderingen is ook een vorm van risicobeheer die de aandeelhouder onder andere moet beschermen tegen het verwateringseffect in geval van een kapitaalverhoging met schrapping van het voorkeurrecht. Ook daar is een kritische houding tegenover de voorstellen van de bedrijfsleiding en de advieskantoren belangrijk om de situatie geval per geval te bekijken, ook al zal het principe van de bescherming van het voorkeurrecht altijd voorrang krijgen.

Via de geëngageerde dialoog, die vooral gebaseerd is op de agenda van de aandeelhoudersvergaderingen, is het mogelijk om specifieke elementen van de resoluties te vermelden en op een verantwoorde manier te stemmen, terwijl op middellange en lange termijn de stakeholders niet worden vergeten.

De obligatiehouders – niets te zeggen?

Wat de rol is van houders van obligaties kwam eveneens ter sprake tijdens het debat. Een aandeelhouder, die een of meerdere stemrechten bezit, kan zijn stem laten weerklinken tijdens gewone en buitengewone algemene vergaderingen. Maar hoe zit dat met de schuldeiser die geen stemrecht heeft en die nochtans een belangrijke hefboom voor verandering en impact in handen heeft? Ook wie obligaties bezit, kan op diverse ogenblikken zijn mening uiten over het deugdelijke bestuur van de onderneming. Het is zijn morele plicht om daarvan gebruik te maken om de best practices te verdedigen, vooral ten aanzien van milieugebonden, maatschappelijke en bestuurlijke kwesties. De schuldeiser kan een engagement vragen tijdens de primaire uitgifte van de obligatie, via collectieve initiatieven gericht op een meer aangepast engagement of bij schuldherschikkingen. Net zoals de aandeelhouder, wil ook de obligatiehouder de financiële waarde maximaliseren. Dat doet hij door de risico’s te beheersen en door een portefeuille samen te stellen die rekening houdt met de waarden van de begunstigden ervan.

Rechten en verantwoordelijkheden

Een aandeelhouder heeft rechten. Maar aan die rechten zijn ook verantwoordelijkheden gekoppeld. Zo laat de democratie onder de aandeelhouders toe dat minderheidsaandeelhouders hun rechten verdedigen in geval van een kapitaalverhoging. Op een bepaald ogenblik moeten ze hun verantwoordelijkheid opnemen. Dat houdt in: pleiten voor waardecreatie op lange termijn, voor een beleid dat rekening houdt met ESG-kwesties, voor de verdediging van de belangrijkste principes zoals transparantie en eerlijke informatie, onafhankelijkheid van de raden van bestuur en van andere bestuursorganen (audit, verloning) en de verdediging van minderheidsaandeelhouders.

De internationale aandelenmarkten vertegenwoordigen ongeveer een kwart van de financiële activa wereldwijd. Door de waarde van bedrijfsschulden daarbij op te tellen, komt de totale waarde van financiële activa uitgegeven door private bedrijven uit op een derde van het totaal … Dat betekent dan ook heel concreet dat de belegger een aanzienlijke impact kan hebben en dat hij dankzij een geëngageerde dialoog met de ondernemingen een rol van betekenis kan spelen voor een duurzamere wereld. Het sop is de kool beslist waard, want uiteindelijk zal iedereen daarbij winnen.