woensdag 18/07/2018

Top Header

Talen

Hervorming van het erfrecht: modernisering van de Vlaamse erfbelasting

Estate Planning & Wealth Structuring

Op 2 maart laatstleden heeft de Vlaamse Regering het startschot gegeven voor de wijziging van enkele bepalingen in de erfbelasting door een voorontwerp van decreet goed te keuren. Naast een aanpassing van de tarieven voorziet de tekst in een modernisering van de erfbelasting en dit in overeenstemming met het nieuwe erfrecht.


Net zoals de hervorming van het erfrecht wil de Vlaamse Regering deze nieuwe fiscale bepalingen in werking laten treden op 1 september 2018.
Hierbij bezorgen wij u een overzicht van de belangrijkste wijzigingen die voorzien worden in het voorontwerp van decreet:

I. Aanpassing tarieven erfbelasting
Het Vlaams Gewest is bevoegd om erfbelasting te heffen als de erflater (overleden persoon) er zijn hoofdverblijfplaats had op het moment van overlijden.
De erfbelasting wordt berekend op het wereldwijd vermogen van de erflater (dus zowel op de Belgische roerende en onroerende goederen als op de onroerende goederen die zich in het buitenland bevinden).

De tarieven worden bepaald naargelang de verwantschapsband tussen de overleden persoon en  de erfgenaam. Deze tarieven kunnen vandaag oplopen tot 65% indien de erflater broers en zussen, of verdere verwanten of niet-verwanten nalaat. Hieraan wil de Vlaamse Regering tegemoet komen door  een verlaging van de tarieven.

De huidige tarieven zijn de volgende:

Vanaf 1 september 2018 zullen de tarieven als volgt zijn:

In rechte lijn (tussen kinderen en/of partners) wijzigen de tarieven voor de erfbelasting niet,  maar daar zijn er enkele nieuwe vrijstellingen. Zo zal voor nalatenschappen die  openvallen  vanaf 1 september 2018 de langstlevende echtgenote, wettelijke samenwoner of nog de  feitelijke samenwoner een vrijstelling genieten ten belope van de eerste 50.000 euro roerende  goederen (zoals geld, beleggingen en kunst). Op basis van de huidige tarieven (3% op de eerste  schijf van 50.000 euro) betekent dat een belastingbesparing van 1.500 euro. Ook weeskinderen  jonger dan 21 jaar genieten een vrijstelling van de eerste 75.000 euro voor roerende goederen  en verder ook een volledige vrijstelling voor het aandeel dat ze krijgen in de gezinswoning.

Tot slot zal het mogelijk worden om binnen het jaar na het aanvaarden van de nalatenschap een  deel van de geërfde goederen (of eigen vermogen met dezelfde waarde) via notariële akte door  te schenken, zonder dat hierop schenkbelasting verschuldigd is. Het bedrag van de  uitgespaarde schenkbelasting kan echter niet hoger zijn dan de werkelijk betaalde  erfbelasting. Er wordt dus een nieuwe mogelijkheid tot generatiesprong ingevoerd die in  tegenstelling tot de huidige bestaande mogelijkheid slechts een deel van de geërfde goederen  kan betreffen.

II. Modernisering erfbelasting afgestemd op het nieuwe erfrecht

  • a. Voortgezet vruchtgebruik

De nieuwe erfwet voorziet dat, als de erflater tijdens het huwelijk of de wettelijke samenwoning goederen heeft geschonken waarbij hij zichzelf het vruchtgebruik heeft   voorbehouden, zijn langstlevende partner het vruchtgebruik op die goederen verder zal genieten na diens overlijden, tenzij de langstlevende partner aan dit recht heeft verzaakt.
  Dat voortgezet vruchtgebruik zal onderworpen worden aan erfbelasting.

  • b. Terugvallend vruchtgebruik

  Als de schenker goederen heeft geschonken met voorbehoud van vruchtgebruik en in de schenkingsakte afwijkt van het wettelijk erfrecht door te bepalen dat na diens overlijden het vruchtgebruik zal terugvallen aan zijn partner, dan is op die verkrijging  geen erfbelasting verschuldigd.

  • c. Punctuele en/of globale erfovereenkomsten

In het nieuwe erfrecht wordt de mogelijkheid ingevoerd om globale en/of punctuele erfovereenkomsten af te sluiten. In dergelijke erfovereenkomsten kunt u afspraken    vastleggen over schenkingen en voordelen die toekomstige erfgenamen in het verleden hebben ontvangen.

In de nieuwe wetgeving wordt bevestigd dat indien schenkingen aan de fiscus kenbaar worden gemaakt door middel van zo’n erfovereenkomst, dat niet impliceert dat die   schenkingen automatisch zullen worden onderworpen aan de schenkbelasting. Stel dat in een dergelijke overeenkomst bijvoorbeeld een schenking voor een Nederlandse notaris zou worden vermeld, dan zal die schenking niet worden onderworpen aan schenkbelasting louter door het vermelden ervan in de erfovereenkomst. De belastingplichtigen kunnen die schenkingen wel uit eigen beweging aanbieden ter registratie (waardoor de schenkbelasting uiteraard wel verschuldigd zal zijn).

Los van dit ontwerp van decreet heeft ook de Vlaamse Belastingdienst in zijn standpunt 17054 dd 16 oktober 2017 bevestigd dat het vermelden van eerdere schenkingen in een   zogenaamde “verklaring tot behoud” (dit is de notariële akte waarin wordt bepaald dat de regels over inbreng en inkorting zoals voorzien in het oude erfrecht van toepassing    blijven op schenkingen gedaan voor 1 september 2018) geen aanleiding zal geven tot het heffen van schenkbelasting.

Aarzel niet om contact op te nemen met onze afdeling Estate Planning, als u vragen hebt over het bovenstaande. Onze specialisten zullen ze graag beantwoorden en samen met u naar oplossingen zoeken, mocht dat eventueel nodig zijn.

Mail