woensdag 18/07/2018

Top Header

Talen

Franse presidentsverkiezing: belastingprogramma's van de kandidaten

Head of Estate Planning Vlaanderen

Dit weekend komt het duel Macron – Le Pen tot ontknoping. In het licht hiervan lijkt het ons interessant de krijtlijnen van de belastingprogramma's van de beide kandidaten eens te overlopen. In het hiernavolgend overzicht staan we even stil bij de voorgestelde fiscale hervormingen voor wat betreft de personenbelasting en vennootschapsbelasting.

 

 

1. Personenbelasting

Momenteel wordt de Franse inkomstenbelasting berekend door op het globale belastbare netto-inkomen een progressief tarief toe te passen. Vanaf 1 januari 2018 zal men in Frankrijk in principe een bronbelasting invoeren, vergelijkbaar met de Belgische bedrijfsvoorheffing.

Het Franse systeem komt dus relatief goed overeen met ons Belgische systeem. In de praktijk blijkt het Franse evenwel gunstiger door verschillen inzake de progressiviteit van de tarieven waarbij het belastingtarief van 45% slechts wordt toegepast op inkomens boven de 152.260€, terwijl het belastingtarief van 50% in België al van toepassing is op de inkomsten boven 38.080€. Daarnaast is er in Frankrijk ook een aanpassing van de berekening van de belasting in functie van de gezinslasten (systeem van “quotient familial”). Verder zijn er ook uitzonderlijke bijdragen voor de hoge inkomens.

  • Emmanuel Macron (En marche !) lijkt hier eerder een ‘status quo’ ten aanzien van het huidige systeem na te streven.
  • Marine Le Pen (Front National) stelt voor de belastingtarieven van de lagere schijven van het progressief tarief te verlagen. Het hoogste tarief zou wel op 45% worden gehouden. Bovendien wil zij de effecten van het “quotient familial” verhogen en de fiscaliteit voor weduwen/weduwenaars en bepaalde gepensioneerden verlagen.

Momenteel worden in Frankrijk ook meerwaarden en inkomsten uit roerend vermogen onderworpen aan het progressief tarief van de inkomstenbelasting (met toepassing van specifieke verminderingen en vrijstellingen, onder andere een vermindering voor de periode waarin de effecten werden aangehouden voor wat betreft de meerwaarden en een vrijstelling ten belope van 40% van de belastbare basis voor wat betreft dividenden) en aan sociale heffingen ten belope van 15,5%. Frankrijk kent op dit punt dus een ander systeem dan België.

  • Emmanuel Macron wil vermogenswinsten en kapitaalinkomsten belasten aan een forfaitair percentage van 30%, sociale heffingen inbegrepen. Zijn voorstel, voor wat betreft de roerende inkomsten komt dus vrij goed overeen met het regime dat wij kennen in België. Het zal nog steeds mogelijk zijn om te opteren voor onderwerping aan het progressief tarief van de inkomstenbelasting. Emmanuel Macron wil bovendien ook de fiscaliteit van de levensverzekeringscontracten – die vandaag een gunstig fiscaal regime genieten in Frankrijk – afstemmen op die van de andere roerende inkomsten.
  • Marine Le Pen wil dan weer een vrijstelling invoeren voor meerwaarden gerealiseerd op de verkoop van aandelen in kleine en middelgrote ondernemingen, na een bezitsperiode van 7 jaar.


Solidariteitsbijdrage van vermogens (ISF)

De ISF, de Franse vermogensbelasting, is verschuldigd door natuurlijke personen met een netto belastbaar vermogen hoger dan 1,3 miljoen euro. Het tarief van de belasting is progressief. Deze belasting is in Frankrijk steeds het voorwerp van debat geweest. De belasting, die werd ingevoerd door de regering Mauroy in 1982, werd afgeschaft in 1987 door de regering van Jacques Chirac. Ze werd opnieuw ingevoerd in 1989 door de regering Rocard en nadien aangepast door verschillende regeringen.

De programma's van de kandidaten lopen erg uiteen voor wat betreft de plannen inzake de ISF.

  • Emmanuel Macron wil de ISF beperken tot een belasting op “onroerend” vermogen en wil deze dus omvormen tot een Impôt sur la Fortune Immobilière (IFI) met quasi dezelfde tariefstructuur als de huidige ISF. De vrijstelling ten belope van 30% op de voornaamste verblijfplaats zou behouden blijven. Roerend vermogen zou dus ontsnappen aan deze belasting.
  • Marine Le Pen daarentegen wenst de ISF in de huidige vorm te behouden.


2. Vennootschapsbelasting

In Frankrijk is er op vandaag in de vennootschapsbelasting een nominale belastingvoet van 33,33% (34,44% indien men rekening houdt met de sociale bijdrage voor de grootste bedrijven). Die belastingvoet is dus vrij gelijklopend met het in België van toepassing zijnde tarief (33,99%) en aanzienlijk hoger dan het Europese gemiddelde dat dicht bij 25% ligt. De beide landen kennen eveneens aangepaste (voordeliger) tarieven voor kmo's.

Zowel in Frankrijk, als in België, komt de nominale belastingvoet zelden overeen met de reële belastingdruk, aangezien er heel wat aftrekposten zijn die de effectieve belasting temperen. Dat systeem van aftrekmogelijkheden is in de loop der jaren steeds complexer geworden.

In België werkt de minister van Financiën momenteel aan een hervorming van de vennootschapsbelasting. De bedoeling is om deze te vereenvoudigen en bovendien de nominale belastingvoet stelselmatig te verminderen. Ook in Frankrijk bevatten de programma's van de presidentskandidaten voorstellen om de vennootschapsbelasting te hervormen.

  • Emmanuel Macron wil de tarieven van de vennootschapsbelasting geleidelijk verlagen tot 25%. Op die manier wenst hij zich te aligneren op het Europese gemiddelde. Hij wil eveneens de sociale lasten van bedrijven verlichten. Hij wenst een harmonisering van de belastbare basis en de tarieven inzake de vennootschapsbelasting op Europees niveau, teneinde binnen de EU een “race to the bottom” te vermijden.
  • Marine Le Pen wil een systeem invoeren met verschillende belastingtarieven in functie van de grootte van de bedrijven: 15% voor micro-ondernemingen, 24% voor kmo’s en een tarief van 33,33% voor de grote bedrijven. Zij wil eveneens de sociale lasten verminderen.
     

Drie tendensen tekenen zich af

Bij de lezing van de programma's van de kandidaten, tekenen drie tendensen zich af.

  1. De eerste is het voorstel tot verlaging van het tarief van de vennootschapsbelasting naar een niveau dat overeenstemt met het Europese gemiddelde, dat in de buurt ligt van 25%. Een hoog nominaal tarief, zelfs indien het niet overeenkomt met het reële belastingtarief, zet een rem zetten op de ontwikkeling van de bedrijven en op het vermogen om buitenlandse investeringen aan te trekken.
  2. De tweede trend is die van een verschillende fiscale behandeling van kmo's, die een voordeeltarief genieten, en de grotere bedrijven. De laatsten worden gepenaliseerd door verschillende maatregelen zoals minder aantrekkelijke belastingtarieven of een strenger beleid inzake de uitkering van dividenden. We stellen deze trend eveneens vast in het Belgische fiscaal recht, waarbij kmo's bijvoorbeeld niet onderworpen zijn aan de fairness tax, noch aan de meerwaardebelasting gerealiseerd op aandelen die langer dan 12 maanden worden aangehouden.
  3. De derde tendens is er een van protectionistische reflexen, trend die we ook in andere landen binnen en ook buiten Europa kunnen vaststellen. De kandidaten doen allen voorstellen om de eigen bedrijven te bevoordelen indien zij ervoor kiezen om hun winsten in Frankrijk te herinvesteren en willen bijdragen tot de creatie van lokale tewerkstelling. Op een moment waarop de Europese Unie worstelt met haar eigen identiteit, kan deze tendens niet zomaar worden genegeerd.

De keuze van de kiezer

De beleidsprogramma´s van Macron en Le Pen lopen sterk uit elkaar. De fiscale accenten welke elkeen legt, zijn hierop geen uitzondering. De keuze welke de kiezer dit weekend zal maken, zal ook hier grote gevolgen hebben voor de toekomst van Frankrijk.

Mail