vrijdag 14/12/2018

Top Header

Talen

Risico op Brexit is reëel en de angst zal wellicht toenemen

Chief Economist

In 2013 beloofde eerste minister David Cameron dat hij betere voorwaarden ging afdwingen om in de EU te blijven, om vervolgens een referendum onder de Britse bevolking te houden om de resultaten te laten ratificeren. Dit zou reeds in juni of juli kunnen plaatsvinden. Hans Bevers gaat dieper in op economische gevolgen ingeval van een Brexit (het verlaten van de EU).

Precies drie jaar geleden beloofde de Britse premier David Cameron om opnieuw te onderhandelen over gunstigere voorwaarden voor zijn land om lid te blijven van de EU. De uitkomst van die onderhandelingen zou hij aan de Britten voor leggen in een referendum met de vraag of het land al dan niet lid moet blijven van de EU. In theorie kan dat referendum tot eind 2017 op elk mogelijk ogenblik worden georganiseerd. Maar wellicht wil Cameron het sneller doen gaan. In dit verband is de nakende vergadering op 18 en 19 februari van de Europese Raad erg belangrijk. Een akkoord met de andere lidstaten van de EU zou Cameron de kans bieden om onmiddellijk een campagne te starten om Groot-Brittannië binnen de EU te houden en om het referendum al in juni of juli te organiseren. 

Volgens de recentste opiniepeilingen zou het kamp dat pleit om op te stappen uit de EU het nipt halen. Maar de uiteindelijke uitkomst zal afhangen van wat de Britten uit de onderhandelingen kunnen slepen rond economisch zelfbestuur, concurrentiekracht, immigratiebeleid en soevereiniteit. De Britse eisen leggen de lat rond die punten erg hoog, en het lijkt weinig waarschijnlijk dat de Europese beleidsmakers daar snel zullen op ingaan. Tegelijk zal Cameron het wellicht hard willen blijven spelen, omdat hij naderhand niet het verwijt wil krijgen dat hij bij de onderhandelingen eigenlijk niet erg veel had gevraagd. Vandaar dat het debat de komende weken en maanden wellicht steeds meer op het scherp van de snee zal worden gevoerd. 

De instellingen en de reglementeringen van de EU worden over het algemeen als kostelijk en inefficiënt ervaren en de recente crisissen rond de eurozone en de vluchtelingen hebben samen met de onvoorspelbare langetermijnvooruitzichten voor het Europese project het enthousiasme voor de EU nog op een lager pitje doen branden.  Maar toch wil  het Verenigd Koninkrijk ook niet helemaal buiten de Europese Unie vallen, want de toegang tot de eenheidsmarkt is hoe dan ook belangrijk  voor de Britse economie: de handel met de Europese Unie is goed voor meer dan de helft van de totale handel. Dat het altijd al om een moeilijke  evenwichtsoefening ging, blijkt uit het aantal “opt outs” dat Groot-Brittannië over de jaren heen heeft bekomen. Voorbeelden daarvan zijn dat het Britse pond niet is opgenomen in het wisselkoersmechanisme, een noodzakelijke conditie om over te stappen op de euro en dat het verdrag van Schengen van 1995 niet is goedgekeurd door het Verenigd Koninkrijk. Migratie is alleszins een belangrijk en gevoelig thema. Zo zou het Verenigd Koninkrijk willen dat er een controle komt op het aantal migranten uit de EU of dat er limieten opgesteld worden op concrete voordelen zoals belastingkredieten van nieuwe migranten, maar die eisen zijn voor de Europese Unie wellicht heel moeilijk te aanvaarden. 

Het is moeilijk in te schatten wat de algemene macro-economische gevolgen van een Brexit zouden zijn, omdat er te veel onbekende factoren zijn en omdat de macro-economische modellen niet alle kanalen in kaart brengen waarlangs een Brexit een impact kan hebben op de economie. De meeste studies gaan echter uit van een fors negatieve impact voor het Verenigd Koninkrijk. De meest pessimistische scenario’s hebben het zelfs over een permanente reductie van het BBP met meer dan 10%. De directe impact op de activiteit in de EU zou beperkter zijn, maar er zou wel sprake zijn van grote reputatieschade en het zou het nu al broos lijkende Europese project voor grote nieuwe uitdagingen plaatsen.  

Volgens sommige waarnemers moet het donkere plaatje dat door de opiniepeilingen wordt geschetst, met een grote korrel zout worden genomen, aangezien de peilingen er ook bij de verkiezingen van vorig jaar faliekant naast zaten.  Ze wijzen er ook op dat Cameron er wel in zal slagen om een succesvolle campagne op te zetten om de meerderheid van de Britten ervan te overtuigen dat het land best lid blijft van de EU. Een stem voor een Brexit zou immers een grote stap in het onbekende betekenen. We zijn geneigd om het daarmee eens te zijn, maar dat belet niet dat de komende onderhandelingen erg moeilijk kunnen zijn en dat er behoorlijk wat op het spel staat. Er blijven aanzienlijke risico’s bestaan en de manier waarop de vluchtelingencrisis de komende maanden wordt aangepakt kan voor de Britten een belangrijke reden zijn om van mening te veranderen. Eén en ander betekent ook dat de risico’s op een verdere koersdaling van de GBP blijven bestaan.

Analyse van Hans Bevers, Chief Economist en Michiel Verstrepen, Economist.

Mail