donderdag 09/04/2020

Top Header

Talen

Eurozone: verdere kwantitatieve versoepeling verwacht

De Europese Centrale Bank heeft haar rentebeleid donderdag ongewijzigd gelaten en heeft geen nieuwe onconventionele maatregelen aangekondigd. Dat was geen verrassing. Wel heeft Mario Draghi, de voorzitter van de raad van gouverneurs, het terrein voorbereid voor een beslissing tijdens de vergadering van december.

Terwijl de ECB tevreden is over de veerkracht van de binnenlandse vraag, blijven de recente internationale ontwikkelingen – en meer bepaald de groeivertraging in de groeilanden – haar het meest zorgen baren. De negatieve gevolgen ervan op groei en inflatie, zijn uiteraard een belangrijke bron van ongerustheid voor de instelling in Frankfurt.

Het economisch herstel in de eurozone blijft – voorlopig – relatief bescheiden ondanks de talrijke factoren die de Europese economie ondersteunen: een lage prijs van ruwe olie, een lage rente en de waardedaling van de euro. Bovendien is de inflatie in september nog teruggevallen tot 0,1% op jaarbasis en niet geneigd om toe te nemen. Waarschijnlijk zal ze heel het jaar 2016 zeer ruim onder het door de ECB gewenste percentage van 2% blijven.

Toch is niet alles negatief. De laatste verrichtingen van de ECB (TLTRO, QE) hebben al een positieve impact gehad op de kredietactiviteit. Als gevolg van de daling van de financieringskosten zijn er tekenen van verbetering merkbaar. Zowel op het vlak van het aanbod - de banken versoepelen hun kredietvoorwaarden - als op het vlak van de vraag naar krediet - de vraag van gezinnen en bedrijven neemt toe. De herfinancieringsverrichtingen op lange termijn van de ECB (TLTRO) laten bovendien toe om de kredietversnippering tegen te gaan of met andere woorden om het verschil in financieringskosten tussen de bedrijven van de perifere landen en van de kernlanden terug te dringen.

De raad van gouverneurs heeft daarom besloten om situatie opnieuw te bekijken tijdens de vergadering van december, wanneer de ECB over nieuwe groei- en inflatieprognoses zal beschikken. In zes weken tijd zal de macro-economische situatie van de eurozone allicht niet drastisch veranderen. Bij de groeilanden zullen de noodzakelijke aanpassingen allicht ook nog enige tijd in beslag nemen. De leden die al gunstig stonden ten opzichte van een balansaangroei van de ECB, zullen dat in december zeker blijven. De nieuwe vooruitzichten op het vlak van groei en inflatie zullen heel waarschijnlijk neerwaarts herzien worden en uiteindelijk de meest terughoudende leden wel kunnen overtuigen.

Wat kan de ECB doen?
De meest vermelde opties zijn de volgende:

  • verhoging van het aankoopbedrag van €60 miljard per maand naar €70 of €80 miljard;
  • verlenging van de kwantitatieve versoepeling tot na september 2016;
  • wijziging in de samenstelling van de aankopen. Niet enkel meer overheidsobligaties en supranationale obligaties aankopen, maar ook bijvoorbeeld bedrijfsobligaties opnemen;
  • verlaging van de depositorente (de rente waartegen de centrale bank de deposito’s van de banken vergoedt). Die rente is nu al negatief (-0,2%). De centrale bank hoopt de banken zo aan te sporen om hun overtollige cash uit te lenen eerder dan het met verlies bij de ECB te plaatsen. Die optie is tijdens de vergadering van deze maand al besproken.

Meer dan de optie die de ECB uiteindelijk zal kiezen, is de boodschap die zij wenst over te brengen belangrijk. Zij zal dus veel langer dan verwacht een inschikkelijk monetair beleid blijven voeren. De obligatiemarkten lijken met die nieuwe realiteit al sterk rekening te hebben gehouden. Die liquiditeitsinjecties zullen maar echt effect hebben als de landen tegelijkertijd de structurele hervormingen blijven doorvoeren die nodig zijn voor hun groei op lange termijn.

Aan Mario Draghi de taak om de markten op 3 december niet teleur te stellen.

Mail