zaterdag 26/05/2018

Top Header

Talen

Japan: cruciale monetaire beslissing

Head of Macro Research

Gisteren nam de centrale bank van Japan een belangrijke beslissing: ze gaat zich niet langer focussen op de verdiscontering van de staatsschuld om vers geld te creëren. In de plaats daarvan gaat ze haar beleid toespitsen op de rentevoet en meer bepaald de yield curve. Daarmee creëert ze voor zichzelf meer flexibiliteit en laat ze ook zien dat ze de bezorgdheid (vlakke yield curve) van de Japanse financiële sector begrijpt. Het idee is om de rente voor langere termijn stabiel te houden rond nul procent en het herstel van de inflatie mogelijk te maken. Tegelijk wil de Japanse centrale bank de inflatie gedurende een periode boven de doelstelling van 2% krijgen (inflation overshooting commitment).

Natuurlijk moet die inflatie er eerst komen, maar de intentie is alvast duidelijk: reële rentes opleggen die in feite (na aftrek van de inflatie) negatief zijn. Om op die manier de schulden – met de staatsschuld voorop – en de investeringen betaalbaar te houden. Die medaille heeft ook een keerzijde. Wie inkomsten heeft met een vaste, nominale rente zal erop achteruitgaan als de inflatie stijgt.

Een analyse van de beslissingen en denkpistes leidt tot een onweerlegbare vaststelling: de kwantitatieve versoepeling beoogt een stijging van de inflatie, die de rentes echter ongemoeid laat. Maar, zoals uitvoerig aan bod kwam in dit artikel, is de rentevoet de optelsom van twee bestanddelen: de reële rentevoet en de verwachte inflatie. De logica wil dat als de inflatie stijgt, de rente evenredig stijgt, tenminste op lange termijn.

Een stijging van de rente zou al de inspanningen om de staatsschuld te herfinancieren echter tenietdoen. Nu gebeuren die tegen een voordelig rentetarief. Precies daarom zullen de centrale banken, geholpen door de overheden waarvan ze afhangen, proberen om de rentes heel laag te houden ondanks het langverwachte herstel van de inflatie. Dat betekent een negatieve reële rente (dus na aftrek van de inflatie). Dat is gunstig voor schuldenaars (zoals overheden), maar veel minder voor schuldeisers. Een negatieve reële rente valt overigens onder de noemer financiële repressie. Staatsinmenging dus waarbij spaargeld verplicht wordt aangewend voor de financiering van de staatsschuld, tegen een heel lage rente.

Ondanks de inflatiedoelstelling zullen de centrale banken proberen om de reële rentes zo lang mogelijk te handhaven. Maar vroeg of laat moet het nulrentebeleid stoppen. En wel om het monetaire beleid zijn natuurlijke hefbomen terug te geven.

Met de medewerking van Hans Bevers, Chief Economist.

Mail