vrijdag 25/05/2018

Top Header

Talen

Wat kunnen we verwachten voor het Britse pond?

Toen de uitkomst van het referendum bekend werd gemaakt, begon het Britse pond (GBP) aan haar sterkste daling t.o.v. de euro in één dag sinds het ontstaan van de Europese eenheidsmunt. Tegenover de dollar zag de GBP haar sterkste daling op twee dagen tijd in het post-Bretton Woods tijdperk. Deze schok en de aanhoudende onzekerheid rond Brexit vragen om een meer diepgaande analyse van het pond. We bekijken met name de relatie met de euro in deze blogpost.

 

Om de recente bewegingen op de wisselmarkten in een historische context te plaatsen, zelfs vóór het ontstaan van de euro, kunnen we de wisselkoers van het pond t.o.v. de euro schatten op basis van de voormalige nationale valuta. De resulterende wisselkoers is uiteraard artificieel vóór 1999, maar kan desondanks wel interessant zijn om belangrijke onderliggende economische tendensen tussen het VK en Europa te duiden.

Deze oefening toont ons dat we in het verleden al meermaals periodes hebben meegemaakt waarin het GBP meer dan 3% verloor op één dag tijd, zoals weergegeven in bovenstaande grafiek. Een van de eerste schokken was de devaluatie van 1967, gedreven door speculatieve druk. Na een vruchteloze poging tot monetaire samenwerking in het begin van de jaren 70, belandde het VK in 1976 in een valutacrisis waarbij de interventie van het IMF noodzakelijk was. De jaren 80 stonden bekend als een periode van een sterke maar volatiele GBP, waarbij zowel binnenlandse economische ontwikkelingen (monetaristisch beleid, recessie) als buitenlandse ontwikkelingen (de Falklandcrisis van 1982, het opkomende belang van olie in de Noordzee voor de Britse economie) aan de basis lagen. In het begin van de jaren 90 sloot het VK zich aan bij het European Exchange Rate Mechanism (ERM). Slechts twee jaar later werd het gedwongen om ERM te verlaten op een ongeorganiseerde manier, een gebeurtenis die beter bekend staat als “Black Wednesday”. De financiële crisis en de huidige Brexit crisis vervolledigen het lijstje van sterke bewegingen van de EUR/GBP koers op korte termijn.

We zijn van mening dat er drie lessen kunnen getrokken worden uit deze ervaringen:

  • Ten eerste, vlottende wisselkoersen kunnen een belangrijke schokabsorberende functie hebben. Het tekort op de lopende rekening van het VK (meer dan 5% van haar BBP) is groot in historisch perspectief en in vergelijking met internationale standaarden. De val van het pond werkt op dit moment als een automatische stabilisator voor de lopende rekening. Het voordeel van het beschikken over een eigen vlottende wisselkoers was reeds duidelijk tijdens de crisis van ’76 en de ERM crisis. Er zijn echter belangrijke verschillen tussen deze crisissen en de huidige: de onzekerheid over toekomstige handelsrelaties was geen bezorgdheid toen, terwijl de onafhankelijkheid van het monetaire beleid geen bezorgdheid is vandaag.
  • Ten tweede stellen we vast dat een politieke crisis steeds gelinkt was aan een valutacrisis. De politieke crisis kan zowel oorzaak als gevolg zijn, of zelfs beide. De huidige GBP zwakte is effectief een directe weerslag van de politieke impasse en de daaraan gerelateerde onzekerheid.
  • Ten derde kunnen we de mogelijkheid van een overreactie op de wisselmarkten niet uitsluiten. Dat geldt voor zowel de geschiedenis van het pond als voor elke andere vlottende wisselkoers. Een overreactie op korte termijn kan bijvoorbeeld verklaard worden door het klassieke economisch model van Dornbusch (1976), waarbij nominale rigiditeiten in de Britse reële economie ervoor zorgen dat er geen onmiddellijke prijscorrectie komt na Brexit. Om dat te compenseren zorgen de wisselmarkten voor een overreactie op korte termijn zodat er toch een economisch evenwicht tot stand komt.

Wat kunnen we nu verwachten voor het Britse pond? Verschillende waarderingsmethoden geven een gemengd beeld: het pond bevindt zich momenteel meer dan 15% onder haar gemiddelde reële effectieve wisselkoers op 20 jaar tijd, hoewel dat er nog ruimte lijkt voor een verdere depreciatie tot haar koopkrachtspariteitsniveau. Ondanks dat we een overreactie op korte termijn niet volledig kunnen uitsluiten, zijn we toch geneigd om te stellen dat een verdere depreciatie nu noodzakelijk lijkt om de schok op de lopende rekening op te vangen. Zoals uit het verleden blijkt, zullen de politieke ontwikkelingen bovendien bepalend zijn (meer details hier) voor de toekomst van het Britste pond.

Mail