zaterdag 17/11/2018

Top Header

Talen

"Obligatiemarkt: mijn vooruitzichten"

Senior Executive Advisor

Obligatiemarkt, korte- en langetermijnrente, dollar en euro, politieke risico’s in 2017: Peter De Coensel, CIO Fixed Income bij Degroof Petercam Asset Management, beantwoordt de vragen van Thomas Van Rompuy, Senior Executive Advisor, en overloopt daarbij de elementen die een invloed hebben op het portefeuillebeheer.

 

 

Peter, wat verwacht je de komende jaren voor de obligatiemarkten?

Volgens mij zullen drie elementen de rente op lange termijn structureel beïnvloeden.

  • Ten eerste zijn er heel wat krachten aanwezig die een lange periode van zwakke groei in de hand werken. Zo zien we bijvoorbeeld dat de mondiale productiviteitsgroei stagneert op een laag niveau. Ook de bevolkingsvergrijzing in de hoogontwikkelde landen zal een remmend effect op de groei hebben. Een lage reële rente is het gevolg.
  • Ten tweede zijn er de spaaroverschotten. De naoorlogse periode van hoogconjunctuur en de generatie van babyboomers hebben voor aanzienlijke spaaroverschotten in de markt gezorgd. De rentes worden dan onnatuurlijk laag door een overaanbod aan spaarmiddelen. De centrale banken gaan dan een expansief monetair beleid voeren opdat de spaarmiddelen gebruikt zouden worden voor consumptie en kredietverlening.

We zullen gradueel getuige worden van een omgekeerde beweging. De babyboomers gaan met pensioen en zullen almaar meer hun spaaroverschotten aanspreken. Dat zal de consumptie en de inflatie aanwakkeren wat de reële rente opwaarts zou kunnen duwen.

Dat effect wordt nog versterkt door het beleid in de opkomende landen dat erop gericht is om meer en meer de binnenlandse consumptie te ondersteunen en niet langer louter export en productie.

  • Ten derde zijn er de investeringen. We stellen vast dat de overheids- en bedrijfsinvesteringen de laatste jaren fors afgenomen zijn. Een toename van de investeringen gaat doorgaans gepaard met een toename van de (potentiële) groei. Als de huidige tendens niet ombuigt en de investeringen structureel op een laag pitje blijven, dan zal dat een neerwaarts effect hebben op de reële rente en op de potentiële groei omdat de focus dan meer op spaarmiddelen gelegd wordt.

Als we die drie elementen afwegen, schatten we dat de globale reële rente op lange termijn kan stijgen met circa 0,50% binnen drie à vier jaar en met nog eens 0,50% binnen tien jaar. Dat zou neerkomen op een geleidelijke normalisatie van de rentestanden.

Een extra versterkend element is dat er almaar meer stemmen opgaan om een expansiever begrotingsbeleid te voeren in de ontwikkelde landen. De centrale banken zouden daarbij een minder interventionistisch beleid voeren in de komende jaren (afbouw inkoopbeleid en normalisatie rentestanden). Dat laatste element is vandaag echter nog niet volledig ‘ingeprijsd’ door de markt.

Moeten we ons verwachten aan grote verschillen tussen de rentestanden in de VS en die in Europa?

De inflatieverwachtingen nemen zowel in de VS als in Europa toe. Enkel een snel en kordaat investeringstraject door de Trump-administratie zou dat nog verder opwaarts kunnen bijstellen op korte termijn. Los daarvan denken we dat de lange termijnrente op tien jaar zowel in de VS als in Europa zal toenemen met om en bij 0,50% of 50 basispunten naar het einde van het jaar toe.

Het belangrijkste verschil bevindt zich op de korte termijn van de rentecurve. De ECB heeft recent de beperking weggenomen in haar inkoopbeleid om obligaties aan te kopen in de markt met een rentestand die zich onder -0,40% bevindt (de zogenaamde depositofaciliteit van de ECB). Dat betekent dat de ECB veel meer mogelijkheden zal hebben om korte-termijnobligaties in te kopen, waardoor de rente hierop verder zal zakken en het verschil met de langetermijnrente zal toenemen (de zogenaamde rentecurve zal steiler worden). Dat is goed nieuws voor de banksector die inkomsten haalt uit het verschil tussen de korte- en lange-termijnrentestanden.

Wat zijn uw verwachtingen voor de dollar en de euro?

We stellen vast dat de dollar vanuit een historisch perspectief eerder duur noteert maar zien niet meteen een reden waarom dat snel zou veranderen. De Fed stelt meerdere renteverhogingen in het vooruitzicht terwijl de ECB een soepel beleid aanhoudt, wat de dollarkoers ondersteunt. Daarbij komt dat 2017 een cruciaal politiek  jaar wordt voor de Eurozone met verkiezingen in Duitsland, Nederland en Frankrijk. De onzekerheid die daarmee gepaard gaat, zal wegen op de euro-dollarkoers.

De dollar zal waarschijnlijk pas in waarde afnemen als Trump alle mondiale stakeholders rond de tafel brengt om de dollar in waarde te laten zakken. We gaan er echter niet van uit dat een dergelijke handelspolitiek het eerste speerpunt van zijn beleid zal zijn. Trump zal zich heel waarschijnlijk eerst concentreren op het binnenlands beleid.

Wat zijn volgens u de grootste financiële risico’s waarmee we rekening moeten houden de komende periode?

Ons financieel systeem is op dit ogenblik nog erg fragiel. De centrale banken hebben voor 13.000 miljard dollar aan financiële activa ingekocht. Ter vergelijking: dat is meer dan dertig keer de waarde van ons Belgisch bruto binnenlands product. Dat kan distorsie veroorzaken zowel op vlak van liquiditeit, rentegevoeligheid als op de ‘spreadvolatiliteit’ van bedrijfsobligaties.

Daarnaast moeten we goed opletten voor ‘grey swans’. Dat zijn onzekerheden die we kennen, maar waarvan we de uitkomst niet weten. Zo weten we dat de Fransen naar de stembus trekken maar niet wat de uitslag daarvan zal zijn.

Als vermogensbeheerder moet je goed nadenken over hoe je met die risico’s omgaat. We opteren voor een mondiale spreiding over de verschillende obligatiesectoren en voor een doordachte keuze van bepaalde looptijden bij de samenstelling van obligatieportefeuilles. Je moet voldoende zekerheden inbouwen en snel kunnen handelen bij bepaalde evoluties.

Bij Degroof Petercam Asset Management zetten we proportioneel meer in op inflatiegelinkte obligaties (globaal) en  bedrijfsobligaties met hoge ratings (‘investment grade’), en zijn we proportioneel ondergewogen in overheidsobligaties in de EU en ‘high yield’ obligaties in de VS.

Mail