zondag 14/10/2018

Top Header

Talen

Hoeveel zorgen moeten we ons maken over Italië?

Chief Economist

De radicaal linkse vijfsterrenbeweging en haar rechtse tegenhanger Lega Nord maken zich op om in het politieke huwelijksbootje te stappen. Hoeveel zorgen moeten we ons maken over de derde grootste economie van de eurozone?

Geld lijkt geen issue als je het Italiaanse regeerakkoord leest. Maar de introductie van een vlaktaks, het terugdraaien van de pensioenhervorming en de hogere minimumlonen kunnen het begrotingstekort van 2 naar 5 à 6 procent van het bbp brengen. Dat komt bovenop de bestaande pijnpunten. Italië torst een overheidsschuld van ruim 130% van het bbp, een werkloosheidsgraad van 11% en een jongerenwerkloosheid van 32%. Bovendien trappelt de productiviteitsgroei al een kwarteeuw ter plaatse en zijn er grote verschillen tussen het noorden en het zuiden van het land. Benijdenswaardig is anders.

Nochtans zijn de fundamenten van de Italiaanse economie verbeterd in de laatste jaren. De banksector is een mooi voorbeeld. Het aantal slechte leningen in de financiële sector is intussen minder onrustwekkend. De Italiaanse banken legden al veel provisies aan. Daarmee rekening houdend, bedragen de dubieuze kredieten nog ‘slechts’ 7%. Bovendien hebben de Italiaanse banken intussen stevigere kapitaalbuffers. Bedroeg de zogenaamde Tier 1 kapitaalratio in 2007 slechts 7% van de totale risico-gewogen activa, dan is dat cijfer intussen meer dan verdubbeld tot 15%. Daarnaast liet de lopende rekening van de betalingsbalans een duidelijke verbetering noteren.

Risico’s
Wie zich nu pas zorgen maakt over Italië was de afgelopen jaren niet goed wakker. Er duiken nu twee extra problemen op: de wilde fiscale plannen en de geruchten over de invoering van een parallelle munt. Wat die eerste betreft, verschaft de Italiaanse grondwet president Mattarella, een pro-Europese centrum-linkse hervormer, enkele belangrijke bevoegdheden om excessen te voorkomen. Zo kan hij wetten afwijzen die in strijd zijn met het grondwettelijke basisprincipe om in normale tijden een budget in evenwicht te presenteren. Het meest waarschijnlijke scenario is dus dat we een verwaterde versie zullen zien van de wilde fiscale plannen.

Dan is er nog de speculatie over de zogenaamde Minibots, zeg maar mini-schatkistcertificaten die de overheid kan uitschrijven ter staving van haar eigen achterstallen. Het zijn een soort van IOU’s vanwege de overheid. Het risico bestaat dat ze op termijn de status van wettelijk betaalmiddel zouden krijgen. En als ze in de plaats zouden komen van de dagdagelijkse betalingen in euro dan wordt de deur opengezet naar een mogelijke exit uit de eurozone. Maar zover zijn we nog niet. Er is de niet te onderschatten logistieke organisatie op het vlak van wetten en contracten. Bovendien is een grondwetswijziging om een referendum over de euro te kunnen houden.


Quo vadis Europa?
Zolang de radicale partijen hun ambities om de euro te verlaten in het vriesvak laten en de fiscale expansie binnen de perken blijft, zouden de kortetermijnrisico’s, beheersbaar moeten zijn. Toch moeten we ons zorgen blijven maken. De politiek-economische onzekerheid zal de financiële markten allicht zenuwachtig houden.
Het grootste risico schuilt allicht op de iets langere termijn, wanneer de economische dynamiek weer omslaat en de structurele problemen van Italië nog toenemen. Pas dan zal blijken hoe groot nog de bereidwilligheid is van de Italiaanse bevolking is om de euro te behouden. De marge voor comfort is nu al flinterdun. Volgens recente peilingen is nog geen 60% van de Italianen voorstander van de euro. Ter vergelijking, in landen als België, Nederland en Duitsland ligt dat cijfer rond de 80%. De magere democratische steun voor de euro in Italië is een probleem.

Het is nu vooral uitkijken naar de nieuwe Europese top in Brussel eind juni. Het zag er sowieso niet naar uit dat Macron en Merkel een grote doorbraak zouden kunnen forceren met betrekking tot de broodnodige versterking van de monetaire unie.  De Italiaanse situatie maakt het er niet gemakkelijker op. I problemi rimangono.

Mail